Wat is de stikstofwet?
Met "de stikstofwet" bedoelen de meeste mensen de Wet stikstofreductie en natuurverbetering (Wsn). Deze wet is in 2021 in werking getreden en moet ervoor zorgen dat er minder stikstof neerkomt op kwetsbare natuur.
Wat is het probleem?
Stikstof komt in twee vormen in de lucht: stikstofoxiden (NOx) en ammoniak (NH3). Stikstofoxiden ontstaan vooral bij verbranding, bijvoorbeeld door verkeer en industrie. Ammoniak komt vooral uit de landbouw, onder andere uit mest. Een deel van deze stikstof daalt weer neer op de bodem. Dat heet depositie.
Voor veel natuurgebieden is te veel stikstof schadelijk. Het maakt de bodem voedselrijker en zuurder, waardoor sommige planten groter groeien en andere verdwijnen. Dat treft vooral soorten die van voedselarme omstandigheden afhankelijk zijn.
Een deel van de stikstof komt ook uit het buitenland. Hoeveel precies, verschilt per gebied.
Waarom is er een wet?
Nederland is gebonden aan Europese natuurregels, de Habitatrichtlijn. Voor Natura 2000-gebieden geldt dat de natuur niet mag verslechteren en dat de kwaliteit van de natuur zich moet kunnen herstellen. Activiteiten die extra stikstof veroorzaken, hebben daarom in veel gevallen een vergunning nodig.
Lange tijd gebeurde dat met het Programma Aanpak Stikstof (PAS). In 2019 oordeelde de Raad van State dat het PAS niet als basis voor vergunningen mocht dienen. Daarna liep de vergunningverlening vast. De stikstofwet is een van de antwoorden daarop. Zie de tijdlijn voor het hele verloop.
Wat regelt de wet?
- Een resultaatsdoelstelling. De wet bevat een omgevingswaarde: in 2025, 2030 en 2035 moet een bepaald percentage van het stikstofgevoelige Natura 2000-areaal onder de kritische depositiewaarde (KDW) zitten. Per jaar stijgt dat percentage.
- Monitoring en bijsturing. De voortgang wordt gemeten. Als de doelen niet in zicht zijn, moet het kabinet bijsturen.
- Een programma met maatregelen. Het gaat om maatregelen voor het verminderen van stikstofuitstoot en voor natuurherstel, in samenwerking met provincies.
- Legalisering van PAS-melders. Bedrijven die onder het PAS een melding deden en nu geen vergunning hebben, kunnen onder voorwaarden in aanmerking komen voor legalisering. Zie Voor PAS-melders.
Sinds 1 januari 2024 vallen de natuurregels onder de Omgevingswet, die de Wet natuurbescherming heeft opgevolgd. Wie een project wil starten met mogelijke gevolgen voor Natura 2000-gebieden, vraagt de vergunning daarom nu via het omgevingsloket aan bij het bevoegd gezag, meestal de provincie.
Waarom is de wet omstreden?
De wet raakt veel belangen, en de meningen lopen uiteen. Een korte, neutrale samenvatting van de belangrijkste standpunten:
- Natuurorganisaties vinden dat de doelen te traag worden gehaald en dat meer uitstootvermindering nodig is. Greenpeace bijvoorbeeld heeft gedreigd met juridische stappen omdat zij vindt dat de overheid de Habitatrichtlijn overtreedt.
- Agrarische organisaties en veehouders vragen om duidelijkheid, perspectief en ruimte om zelf maatregelen te kiezen. Ook zij vinden dat er een nieuwe wet moet komen.
- Bouw en infrastructuur willen weer kunnen bouwen en wijzen op de vertraging van projecten door vergunningverlening.
- Critici van het rekenmodel zetten vraagtekens bij de betrouwbaarheid van AERIUS, het model waarmee depositie wordt berekend.
Wat verandert er?
Het kabinet-Jetten wil de wet aanpassen. Volgens berichtgeving gaat het om het vervangen van de KDW als norm door emissiedoelen per sector, een groot fonds voor natuurherstel en landbouwtransitie, en een rekenkundige ondergrens waaronder kleine bijdragen niet vergunningplichtig zijn. De precieze inhoud hangt af van het wetsvoorstel dat nog moet worden gepresenteerd en door de Tweede en Eerste Kamer moet worden aangenomen. Zie ook de tijdlijn.
Let op
Deze pagina is een algemene uitleg en geen juridisch advies. De wet kan veranderd zijn. Voor de actuele tekst, zie wetten.overheid.nl.